Chape

De chape, dekvloer of ondervloer is het gedeelte van de vloeropbouw dat zich bevindt tussen de draagvloer (bijvoorbeeld welfsels) en de bevloering. Deze ondervloer kan bestaan uit een chapelaag of een echte sandwich-opbouw afhankelijk van de vereisten en de plaats.

Aangezien chapes onderhevig zijn aan differentiŽle spanningen ten gevolge van temperatuurverschillen en zetting van de ruwbouw, is het noodzakelijk randisolatie en uitzetvoegen tussen de verschillende ruimten te voorzien. Als de ruimte groter is dan 40 m² of in één richting langer dan 8 meter, moeten er extra tussenliggende uitzetvoegen voorzien worden. Ook aan verspringingen in een ruimte (bijvoorbeeld bij een L-vormige woonkamer) is dit aan te raden.

Als de eindchape zwevend is (dit wil zeggen aangebracht boven isolatieplaten of SCHUBO-uitvulling), volstaat het om deze uitzetvoegen enkel door de eindchape en de vloerafwerking door te trekken. In het geval van een vaste chape (boven een cementgebonden ondervloer) moet de uitzetvoeg doorgetrokken worden tot op de draagvloer. In de voeg wordt een samendrukbare isolatiestrook van 5 milimeter dikte voorzien. De voeg in de afgewerkte vloer wordt afgewerkt met messing of inox hoekprofieltjes waartegen de vloer langs weerszijden van de voeg stopt. De voeg tussen de twee profielen wordt afgekit met een soepel blijvende kit.